Tuin en Staal 1 

Observaties over straten in de Leidse wijk Tuistad-Staalwijk, waar we gewoond hebben van 1996 tot 2007, gepubliceerd in de wijkkrant, en later als boekje uitgegeven.

Andries Schotkade

Je zou de Andries Schotkade kunnen zien als overgang tussen Schelpen- en Kastanjekade, maar dan doe je Andries geen recht en zijn kade ook niet. Er heerst - midden in de stad - een landelijke sfeer, zeker als je je ogen even sluit voor de nieuwe wijk aan de overkant van het spoor. De zon schijnt, maar de wind maakt het schraal. Lastig te typeren: de Andries Schot zit overal tussenin. 

Het begin wordt gemarkeerd door een eenzame rode brievenbus. De bellen rinkelen, een trein passeert de overweg. Passagiers maken zich gereed voor het eindstation Leiden Centraal. Nog best ver weg, maar niet als je in de trein zit. Het onduidelijke veldje naast de brievenbus is een klein paradijsje voor honden en zwerfvuil.

Er wonen maar weinig mensen aan de Andries Schot. Rechts wat huizen, maar vooral ook 'zijkant' van het kleine wijkje. Links enkele woonboten, die bijna het hele water overbruggen: Eureka, Evalina. Een aanhangwagen met takken staat klaar. Een middenklasse personenauto wordt stof gezogen: de spulletjes, die gewoonlijk sfeer geven aan een auto, zijn even op de stoep gelegd. 

En bij het fietsersbruggetje ter hoogte van de Leuvenstraat is het al weer afgelopen. Zo maar. 

Andries Schotkade.jpg

Gerrit van der Laanstraat

Het is avond, zondagavond om precies te zijn. En de wereld ziet er uit, zoals ze eruit hoort te zien op een zondagavond in Tuinstad Staalwijk.

Ik sta op de Andries Schotkade, z’n naam-bordje verborgen tussen de takken. Hij is al aan de beurt geweest. Ik beschreef hem toen als een landelijke weg, groen en rustig, zo midden in de stad. Achter me de rinkelende bellen, de trein, niet zichtbaar, maar hoorbaar passerend. Ik heb begrepen, dat het spoor vergunning heeft voor het kappen van 40 bomen. Dat lijkt vast een heel goed plan, als je zo achter je bureau ergens in een kantoortuin je zinnen aaneenrijgt tot een beleidsnotitie. Ik ken het, doe het ook, met andere onderwerpen op een andere plek. Maar als je hier staat, is het geen goed plan. Als je hier staat, blijkt dat die bomen, dat groen, die bewegende takken, die bijbehorende vogels, dat dat alles goed is, zoals het is. Prachtig eigenlijk.

Ik draal aan het begin van de Gerrit van der Laan. Ik wacht nog wat om hem in te gaan. Het is als het ware nog een maagdelijke straat. Er daadwerkelijk in gaan, zou iets doorbreken. Ik wil het nog niet.

Over de spoorwegovergang rijdt bus 31. Een vertrouwd beeld. De bus is begonnen diep in Zuid West en zal straks de kust bereiken in Katwijk aan Zee. Gisteren in het Leids Dagblad las ik dat – bij de invoering van de Rijn Gouwe Lijn – de bus helemaal uit de wijk zal verdwijnen. Toen ik hier een jaar of tien geleden kwam reden er zes bussen per uur naar de stad, het station; kort daarna vier; nu nog twee. Straks geen enkele. Tja, dat schijn je over te moeten hebben voor de verbetering van het Openbaar Vervoer. Want daar is alles om begonnen: de verbetering van het OV. En dan moet je niet zeuren, als er straks geen bus meer komt.

Ik blijk – zo hier aan het begin van de Gerrit van der Laan – een zeker conservatisme te hebben ontwikkeld. Ik wil graag dat dingen blijven zoals ze zijn: de bomen aan de Andries Schot, de bus door de wijk. Is dat erg: conservatisme? Ik besluit het te aanvaarden.

Dan loop ik de Gerrit van der Laanstraat in. Eindelijk.

De straat is krom, erg krom. Is het handelsmerk van de Leeuwkenstraat de poort aan het eind, de essentie van van der Laan is de kromming: een soort boomerang is het.

Rechts staat het wagenpark. Een auto rijdt langzaam de straat in, maar negeert drie prachtige parkeerplaatsen en rijdt ook langzaam de straat weer uit.

In de huizen speelt het zondagavond-leven zich af. Het bestaat uit lampen, die ruimtes verlichten: sfeervol en zacht, of dringend, vol werklust. Het bestaat uit de meubelen, die hun rol spelen, vulling geven, plek bieden aan boeken, aan plantjes, aan kleine voorwerpen, die hun volledige waarde ontlenen aan het feit dat ze er zijn. Het bestaat uit bewegende beelden op de televisietoestellen, van buitenaf bekeken zijn het abstracte beelden, zich doorlopend wijzigende schilderijen.

En er zijn de mensen in de huizen, in hun zondagavond-bestaan, waar ze zitten en iets drinken, waar ze even opstaan om iets te pakken, waar ze peinzen of praten, zich niet bewust van de buitenwereld, laat staan van het feit dat ze decor zijn in een column.

Lammenschansweg.png

Lammenschansweg

De Lammenschansweg leent zich niet zo erg voor details. Het is de weg van het brede gebaar, de grote lijn. Als ik aan het eind van de lentemiddag de trap van het Lammenschans-station afdaal, dan baadt de weg in het lage zonlicht. Met name de even kant is zonnig verlicht. Het is de kant van de professoren en de burgemeesters. En de kant van de spitse toren van de Petruskerk.

Onze kant, de oneven kant, ligt wat meer in de schaduw, maar dat is een tijdelijke zaak: het schijnt te maken te hebben met de draaiende beweging van de aarde. Overigens mag de even kant de kant zijn van de burgemeesters van vroeger, die slechts op een naambordje (twee of drie desnoods) figureren, de oneven kant, de onze, is de kant van de enige echte burgemeester. We noemen geen nummers, want dat geeft maar aanloop; bovendien zou ik het niet weten ook.

Gisteren was de Lammenschansweg in het nieuws. De krant – ik doel natuurlijk op het Leidsch Dagblad, welke anders – meldde dat een of ander bureau een advies had uitgebracht over de precieze loop van de Rijn Gouwe Lijn. Het tekeningetje doet de weg geen recht: het is te vlak, te klein. En het rode lijntje doet de Lightrail geen recht: het is te vrolijk. Als ik vanaf de stationstrap in de richting van de stad staar (ik ben blijven staan en hou de doorstroming behoorlijk op), dan zie ik hem in gedachten aan komen glijden: product van een proces, waarop mensen geen invloed mochten hebben. Het wonderlijke van de politiek is, dat je daar niet alleen mee weg komt, maar dat je er zelfs minister mee wordt, minister van …… bestuurlijke vernieuwing; o, ironie.

Ondertussen ben ik aangekomen bij de zebra, voor de grote oversteek. Elke werkdag, twee maal, is dit het moment voor een hele kleine privéstrijd: het autoverkeer. Want als er iets is dat de Lammenschansweg beheerst, is het wel de onafgebroken stroom auto’s, die zich op de snelweg wanen. Een kleine verstoring te weeg brengen, een licht afremmen, dat is wat ik beoog. Ik kijk overigens wel uit, dat mijn kleine strijd niet leidt tot letsel, want dat is het me nu ook weer niet waard..

De Lammenschansweg is de ader van in en uitgeleide: het is binnenkomen en verlaten, beginnen aan de grote trek naar het Zuiden of dat nu Leidschendam of de Riviera is, en terugkeren in de schoot van de stad.

kastanjekade.png

Kastanjekade

De Kastanjekade is gemaakt voor de herfst. Er is geen seizoen, waarin deze straat meer tot z’n recht komt. De bomen, die de spoorlijn aan het gezicht onttrekken (ik neem voetstoots aan dat het kastanjes zijn; verstand heb ik er niet van) hebben de meest schitterende kleuren. En een belangrijk deel van de kleuren heeft de grond bereikt. Daar rijdt van tijd tot tijd een veegwagentje van Wijkbeheer, want je kan de kleuren ook weer niet te lang laten liggen; daar worden ze bruin van.

Het is één van de weinige straten in de wijk, misschien wel in de stad, met een omgekeerd parkeerprobleem: te veel parkeerplaatsen voor te weinig auto’s. De inwoners hebben kennelijk geen auto, laat staan twee, zoals in veel andere straten. En ook anderen willen deze kade niet verstoren met al te veel blik.

In het midden staan trouwens paaltjes in het wegdek: je kunt de Kastanjekade wel ‘nemen’, maar alleen per fiets of te voet.

Als je dat laatste doet, zoals ik door de week twee keer per dag, dan kan je – zeker aan het eind van de middag lopend zappen door je van televisie naar televisie te verplaatsen. Die hebben ze wel, de bewoners van de Kastanjekade.

Het moeten gelukkige mensen zijn: herfst-kleuren, bewegende beelden en geen auto’s. 

Gerrit van der Laanstraat.png

Michiel van de Kasteelen

  • Facebook Social Icon
  • Twitter Social Icon