Rechtsstaat is fundament onder de samenleving

05-07-2022 | Deel eerste termijn Voorjaarsnota


Voorzitter,

Ik wil het met u hebben over de rechtsstaat. Natuurlijk via u, als voorzitter, met de Raad als geheel. Maar ook letterlijk met u als burgemeester van deze gemeente.

Maar ik trek het eerst breder. We zien in de hele wereld dat het fundament onder onze samenleving wordt opgeblazen als het respect voor het recht verdwijnt. Dat geldt voor het internationale recht, als het ene land het grondgebied van een andere soevereine staat met wapens binnenvalt. Of als een regering een internationale afspraak, waar haar handtekening onderstaat, eenzijdig wil opzeggen. Of als een verliezende kandidaat bij presidentsverkiezingen niet alleen leugens over zijn verlies de wereld in helpt, maar bereid is gewapenderhand de rechtsorde van zijn land omver te werpen.


Maar ook in Nederland staat de rechtsorde onder hele grote druk. En dat is niet voor het eerst in onze geschiedenis. Op het moment dat politieke partijen de volksvertegenwoordiging afdoen als ‘nepparlement’, op het moment dat Kamerleden oproepen tot volksgerichten, op dat moment is uiterste waakzaamheid geboden. Maar wat in de politiek geldt, geldt ook daarbuiten. “Aansluiting van verschillende groepen met verschillende grieven, verbonden door anti-overheidsdenken, kan verharding in de hand werken”, zegt de Nationaal Coördinator Terrorisme en Veiligheid. Vanzelfsprekend heeft een ieder het recht van vereniging en vergadering, van vrije meningsuiting, maar ten allen tijde binnen de kaders van de rechtsstaat. Dat betekent dat acties niet gericht zijn op de persoon, het gezin, het huis, het bedrijf van een bewindspersoon, een kamerlid of welke andere ambtsdrager dan ook. En ook niet op politie en hulpdiensten. En het betekent ook, dat acties geen schade aan derden (niet-betrokkenen) mogen veroorzaken: noch immaterieel, noch materieel.


Het betekent op Westerveldse schaal dus ook, dat je niet een natuurgebied intrekt met zwaar materieel, en ook dat je niet een dorpsfeest opleukt met een praalwagen waarop je een persoon, die gebruik maakt van zijn recht om zaken bij de rechter aan te kaarten, met naam en toenaam noemt. En het betekent – en dat is een persoonlijke opmerking – ook dat je niet de Nederlandse vlag (symbool van het Koninkrijk der Nederlanden) inzet als actiemiddel door hem omgekeerd op te hangen.


Ik wil graag het College (en dan met name de burgemeester) vragen, of hij pal staat voor die democratische rechtsstaat. En – als het nodig is - wil ik de Raad daarover een gezaghebbende uitspraak laten doen. Een motie met die strekking heb ik gisterochtend aangeleverd en kan ik eventueel later indienen.


Tegelijkertijd, voorzitter, moeten we ook vaststellen, dat de politiek (landelijk, provinciaal en lokaal) in vele opzichten faalt. En dat falen heeft alles te maken met een zich in de afgelopen 20 tot 40 jaar steeds verder terugtrekkende overheid. Ik citeer het Dagblad Trouw: “Er is de afgelopen jaren veel op zijn beloop gelaten in dit land, aangemoedigd door een politiek die echte keuzes liefst zo veel mogelijk uit de weg ging. De samenleving zou het zelf wel oplossen, zo luidde de liberale mantra. Hoe verleidelijk het ook werd verkocht, in de praktijk kwam het neer op wantrouwen jegens alles waar niet het woord ‘markt’ achter kon worden geplakt. Het kwam ook neer op politieke labbekakkerigheid.” En zo stapelde de ene crisis zich op de andere: een stikstofcrisis, bovenop een asielcrisis, op een gaswinningscrisis, op een toeslagencrisis, op een woningcrisis, op een jeugdzorgcrisis. En dan ineens heb je een crisis te veel.


En wat landelijk geldt, geldt ook weer hier in Westerveld. Ik herinner u aan het debat over het college-akkoord. Ik ga dat niet over doen. Maar ook daar geen proactief college dat met elan de grote problemen aanpakt of zelfs maar benoemt. Het werd overgelaten aan de raad zelf om dat middels een raadsagenda te doen. Welnu -als het aan ons ligt - doen we dat dan ook. De collega’s Masselink, Oosterhuis en ikzelf hebben met de griffier een eerste voorstel uitgewerkt. Een raadsagenda is fundamenteel iets anders dan een raadsakkoord. Dat laatste had gekund, maar dan voorafgaand aan het college-akkoord. Een raadsagenda is niet meer en niet minder dan een gestructureerde manier om als raad grip te krijgen op de grote onderwerpen, die spelen. En daarvoor is budget nodig. We zullen daartoe met een amendement komen.

Michiel van de Kasteelen